Contactlenzen

Inzetten en uithalen van zachte contactlenzen

iStock_000001004232LargeInzetten van zachte contactlenzen: 

Was eerst grondig uw handen met een milde zeep, spoel ze af en droog ze af met een pluisvrije handdoek voordat u uw lenzen aanraakt.

Neem één contactlens uit de verpakking of houder. De tweede lens kunt u het beste in de verpakking of houder laten zitten om uitdroging en mogelijke beschadiging te voorkomen.

Controleer of de lens niet binnenstebuiten is gekeerd. Dit kan door de lens op de goed droog gemaakte vingertop te zetten en na te gaan of deze een kommetje (goed) of een schoteltje (fout) vormt.

Indien de lens binnenstebuiten zit, sla deze dan voorzichtig om.

Plaats de lens op de top van uw wijsvinger.

Trek voorzichtig uw onderste ooglid, met uw rechter middelvinger naar beneden. Zorg ervoor dat u uw middelvinger zo dicht mogelijk bij de wimperrand plaatst.

Gebruik uw wijs- of middelvinger van uw andere hand om het bovenste ooglid omhoog te houden.

Zet de lens recht op het gekleurde deel van uw oog, ofwel de iris. Laat voorzichtig uw onderste ooglid los, daarna uw bovenste ooglid.

Herhaal deze procedure voor de andere lens.

Indien de lens per ongeluk van uw vingertop valt, spoel deze dan eerst af met een steriele zoutoplossing of met een alles-in-één vloeistof.


Uithalen van zachte contactlenzen:

Was uw handen, droog ze goed af met een schone, pluisvrije handdoek. Ga dicht aan tafel zitten en leg een spiegel op tafel.

Trek uw onderste ooglid met uw rechter middelvinger naar beneden. Zorg ervoor dat u zo dicht mogelijk bij de wimperrand uw rechter middelvinger plaatst.

Kijk recht omhoog en verplaats de lens voorzichtig met uw rechter wijsvinger naar het witte gedeelte van uw oog.

Vouw de lens voorzichtig tussen uw duim en wijsvinger, zodat de lens los komt van het oog. Zorg dat u niet de nagels gebruikt.
Herhaal de procedure voor het andere oog.